Artikel: het verhaal van Denise Snel…

Leestijd: 29 minuten

Denise Snel (37 jaar) is freelance marketing strateeg. Ze is 8,5 jaar samen met haar vriend Frank en heeft twee dochters, Robin en Sam. Denise vertelt zeer openhartig over haar zwangerschappen en bevallingen.Maar ook over de moeite die het haar kostte om het moederschap te omarmen en over de effecten die dit had op haar als persoon en op haar relatie. Dit is haar verhaal…

 

Het moederschap is misschien wel mijn redding geweest…

Lees hier het verhaal van Denise…

Ik ben Denise, 37 jaar en ik ben moeder van twee dochters, Robin van vijf en Sam van twee. En dit is mijn verhaal…

Kinderwens

Mijn kinderwens is er eigenlijk nooit concreet geweest. Ik was 2,5 jaar met Frank, mijn partner. Eigenlijk al vanaf het begin van onze relatie gebruikten we geen voorbehoedsmiddelen. Nou ja, correctie: we gebruikten wel condooms, maar ik was niet aan de anticonceptie. Dus het was altijd een beetje een wilde gok wat er die maand weer zou gebeuren. Daarbij kwam dat ik een hele onregelmatige menstruatiecyclus had. De ene maand was ik om de vier weken ongesteld, daarna weer zes weken, dan weer vijf. Dus er was niet echt een pijl op te trekken.

Ik gebruikte wel een app om bij te houden wanneer mijn menstruatie plaatsvond, zodat ik ongeveer kon zien wanneer ik dan vruchtbaar was. En dan vermeden we die dagen seks. Naarmate de jaren vorderden, werden we daar denk ik wel wat onvoorzichtiger in, maar ik was er gewoon niet mee bezig om zwanger te worden. Ik was net begonnen met een eigen bedrijf, we hadden een heel vrij leven met veel feestjes. Nou ja, nooit echt rekening mee gehouden dat ik zomaar zwanger kon worden. Heel gek misschien, maar dat idee is nooit echt actief bij mij geweest. Maar na 2,5 jaar, ik was toen 31, kwam ik er dus achter dat ik zwanger was.

In shock

Dat gebeurde eigenlijk ook heel natuurlijk. Ik was al best wel lang niet ongesteld geweest, dat kon ik natuurlijk in de app zien, en ik dacht: goh, dit duurt wel langer dan normaal. Dus een vriendin van me zei: “Zou je niet eens even een test gaan doen?” Ik dacht: oh ja, misschien moet ik dat maar eens gaan doen. Ik had al eens eerder getest, omdat ik dus altijd al onregelmatig menstrueerde, en nu dus weer zo’n test gedaan. Ik deed mijn broek uit en ging plassen en dacht: nou ja, dat zal wel weer negatief zijn. Maar ik kijk op die test en toen kwam er dus een grote dikke plus op het schermpje!

Ik was natuurlijk totaal in shock! Frank was niet eens thuis, ik kwam net uit mijn werk, had al een wijntje op en dacht: oh ja, ik zal nog even die test doen. Nou ja, test dus gedaan en ik moest het een verwerken. Ik heb nog die bijsluiter erbij gepakt, zo van ‘Ik lees het vast niet goed. Dit is vast niet zwanger.’ Nou, wel dus. Toen belde ik Frank en die nam niet op, die neemt namelijk nooit z’n telefoon op, dus ik dacht: shit, dit is niet te geloven, wat moet ik nu?! Toen heb ik mijn beste vriendin gebeld. Hele rare reactie misschien, maar ik moest het gewoon aan iemand vertellen. Dus die wist nog eerder dan mijn vriend dat ik zwanger was!

Vlak daarna kwam Frank thuis. Die liep de trap op en ik stond bovenaan de trap, volgens mij nog met mijn broek op mijn enkels, zo van: “Frank, ik ben zwanger!” Dat was echt een bizar moment! Frank had eigenlijk meer die wens dan ik, dat had ie ook al wel eens uitgesproken in onze relatie, dat hij heel graag kinderen zou willen. Ik heb nooit gezegd ‘Nou, dat wil ik niet’, maar nogmaals, ik was er gewoon niet zo mee bezig. Dus hij zag die plus ook en hij pakte me op en zei: “Nou lieverd, dit gaan wij gewoon doen samen! Maar als je er niet klaar voor bent, dan moet je dat ook zeggen.”

Ik ben eerst een beetje van de schrik bekomen. Maar ik gaf destijds nog personal training, dus ik moest vrij snel weer, hup, over tot de orde van de dag en ’s avonds die groep trainen. Ik moest het idee nog wel even verwerken, dat ik een klein kindje in mijn buik had. En dat is hoe ik er dus achter kwam dat ik zwanger was…

Je hebt gewoon een prachtig kloppend hartje. Niks aan de hand.

De eerste echo

Toen ik wist dat ik zwanger was, ben ik gaan onderzoeken wat ik moest doen, want dat wist ik dus ook niet. Ik slikte ook niks, dus ik had geen idee. Ik heb vrij snel een afspraak gemaakt bij de verloskundige. Ik was best wel onzeker, want het was vlak na Koningsdag en ik had die dag best wel heel veel gedronken, dus ik dacht meteen van: wow, ik hoop dat het allemaal goed gaat. We mochten geloof ik bij acht of negen weken, heel snel al, komen voor de eerste echo en ik stierf duizend doden. Ik zat in de auto en ik had mezelf helemaal gek gemaakt met allemaal feiten, van hoeveel procent kans je hebt op een miskraam voor 12 weken et cetera.

Ik ging heel erg over op de cijfers, in plaats van op emotie. Ik ging alleen maar onderzoeken wat de kansen waren dat het allemaal goed ging en hoeveel impact ik daar zelf op had. Dat heb je natuurlijk helemaal niet, want de natuur doet gewoon zijn werk. Dus ik ging naar die echo, eigenlijk ervan uitgaande dat het niet goed was, en ik lag daar en ze zegt: “Nou, je hebt gewoon een prachtig kloppend hartje, niks aan de hand. Je bent hartstikke gezond zwanger.” Dus toen werd nogmaals bevestigd dat ik écht zwanger was en dat ik me kon gaan verheugen daarop.

Onzekere periode

Dit was in 2014 en de NIPT-test bestond toen al wel, maar die was nog niet voor iedereen toegankelijk, dus er werd toen nog een nekplooimeting en bloedtest gedaan. Helaas kwamen ze er bij mij achter dat dat niet goed was. De nekplooimeting was wel goed, alleen ik had heel weinig HCG-waarde in mijn bloed. Ik geloof 75% lager dan een normale vrouw, zeg maar. Toen werd besloten om de NIPT-test te doen, want ik had een kans van 1 op 100 op het Downsyndroom bij dit kindje. Dat was heel naar om te horen en ik had het ook niet verwacht. Op een gegeven moment denk je: nou, ik ben zwanger, ik ben gezond, het moet allemaal goed zijn. Helaas kregen wij dit dus te horen.

Toentertijd duurde het nog heel lang voordat je de uitslag kreeg. Ik moest naar het AMC voor een echo en gelukkig kon die mevrouw daar me wel meteen geruststellen. Ze zei: “We hebben hele geavanceerde apparatuur hier en ik zie dat het, voor zover ik kan zien, een gezonde zwangerschap is, maar we gaan natuurlijk van de NIPT-test uit. Maar ga ervan uit dat je gezond zwanger bent én je krijgt een meisje!”

Dat kreeg ik dus met 12 weken al te horen. Toen heb ik 3,5 week moeten wachten op de uitslag. Ondertussen gingen wij naar Kopenhagen samen en we wilden heel graag natuurlijk leuke dingetjes kopen, maar dat vonden we wel heel eng. We dachten: als het wel een kindje met Downsyndroom is, dan weten we niet zeker of we het zouden houden…

Alles goed!

We hebben toch wat gekocht in Kopenhagen. We wisten natuurlijk al dat het een meisje was, dus ja … We waren eigenlijk heel gelukkig en ondertussen ook heel onzeker. Met zestien weken kreeg ik de uitslag dat alles goed was. En toen pas kon ik echt gaan nestelen en kon ik ook meer emotioneel gaan toegeven aan die zwangerschap en me daarop voorbereiden.

De 20-wekenecho ging eigenlijk ook perfect en daar was ik ook helemaal niet meer onzeker over. Ik kreeg heel veel extra echo’s door die slechte bloedwaarden, dus ik maakte me eigenlijk helemaal geen zorgen meer. Ik moet wel zeggen dat ik nog steeds de statistieken heel erg in de gaten hield, dus ik was nog steeds precies op de hoogte achter de puntkomma van ‘je hebt zo veel kans dat het nu nog fout gaat’. En ik was heel blij toen ik 26 weken was, want ik dacht: als er nu wat gebeurt, dan is het gewoon levensvatbaar en kan het gewoon geboren worden.

Ik voel me soms nog verdrietig dat ik niet meteen een connectie had met dat kindje in mijn buik…

Gemengde gevoelens

Als ik terugkijk op die zwangerschap, dan heb ik daar best wel gemengde gevoelens over, omdat ik niet lekker in mijn vel zat al best wel lang, alleen ik had dat nog niet echt toegelaten dat ik niet lekker in mijn vel zat. Dus het was er wel, ik was een eigen bedrijf begonnen en ik had heel veel dingen aan mijn hoofd. Was ook heel erg aan het zoeken van waar wil ik nou heen met mijn leven, wie ben ik. Als eind twintiger/begin dertiger komt er zo veel op je af. Je wilt beslissen welke kant je opgaat privé, maar ook zakelijk. Ik kijk erop terug dat ik zoekende was.

Daarom heb ik me denk ik blindgestaard op al die cijfers, omdat ik het moeilijk vond mijn emoties toe te laten. Voor mij waren die statistieken een houvast, maar ondertussen was ik niet echt bezig om dat kind te verwelkomen in mijn lijf en ook in mijn leven toe te laten. Ik had nog helemaal geen beeld van hoe dat er dan uit zou zien. Ik voelde me eigenlijk heel goed, had een hele fijne zwangerschap. Had alleen wat last van mijn borsten, maar voor de rest helemaal geen kwalen, ook geen misselijkheid.

Dus het leven ging eigenlijk gewoon door. Ik sportte heel veel en ik voelde me prima. Dus ik kon ook gewoon een beetje net doen alsof er niks aan de hand was. Alsof mijn leven niet heel erg snel op z’n kop zou gaan staan. Dus ja, ik vind het jammer dat ik die zwangerschap niet zo omarmd heb. Daar kan ik me ook wel eens verdrietig om voelen, dat ik niet meteen een connectie heb gevoeld met dat kindje dat zo mooi aan het groeien was in mijn buik.

De bevalling

Mijn bevalling, kan ik nu zeggen, was eigenlijk een hele goede bevalling volgens het boekje. Ik had ‘m alleen nog niet verwacht, want ik was op dat moment 38 weken en vier dagen zwanger. Ik werd wakker met weeën, ’s ochtends om een uur of zeven, en ik dacht: wow, dit is heftig! En ik wist meteen: oh ja, dit moeten die weeën zijn. Maar ik dacht: dat kan nog helemaal niet, misschien zijn het voorweeën. Natuurlijk meteen gegoogeld, alle statistieken weer in mijn hoofd. Het stopte ook weer na twee uur, dus ik dacht: oh nou ja, dit waren dus toch gewoon die voorweeën. Dat kan, dat is allemaal normaal. Ik vond het wel spannend, maar ik dacht: nou, we gaan dus gewoon nog even door met het leven.

Ik deed in die tijd nog de boekhouding voor het bedrijf van mijn vriend en ik heb toch iets gevoeld denk ik, want ik heb als een razende de kwartaalaangifte gedaan en alles heel snel in orde gemaakt. Ook het hele huis gepoetst. Om 13 uur was ik klaar en toen begon het weer. Ik weet het nog heel goed, want toen hield het dus aan. Ik heb in mijn eentje die weeën opgevangen en om 16 uur heb ik Frank gebeld, zo van: “Nou, ik geloof dat het nu wel echt op gang is gekomen, want het is heel regelmatig aan het worden en ik denk dat ik er niet meer omheen kan dat de bevalling is begonnen.”

Ik had een weeëntimer op mijn telefoon, Frank was volgens mij om 16.30 uur thuis, en toen heb ik een soort walvissenmuziek opgezet om een soort van helemaal te aarden haha! Want ik vond het wel echt héél heftig. De ontsluitingsweeën waren gewoon heel krachtig en ik vond het pittig om ze op te vangen. Ik heb heel veel op de rand van het bed gezeten. Frank wist niet zo goed wat hij met me aan moest, ik was heel erg in mezelf gekeerd. Ik was echt als een soort van oermens bezig om te gaan bevallen.

Om 20.30 uur kwam de verloskundige en toen had ik echt nog maar – ik moet even terugdenken hoor, want het is al best lang geleden – iets van vijf centimeter ontsluiting, terwijl ik dus al vanaf 13 uur ’s middags bezig was. Toen zei ze: “Nou, dan kom ik straks nog wel even terug. Als het niet meer gaat, dan bel je maar.” Uiteindelijk, om een uur of half elf, dacht ik: ik vind dit gewoon echt niet leuk meer. Ik had ook aangegeven dat ik pijnbestrijding wilde, ik wilde graag in het ziekenhuis bevallen, dus ruggenprik, pompje, alles wat maar nodig was.

Dit is het mooiste baby’tje wat ik ooit heb gezien!

Robin

We kwamen rond 23 uur in het ziekenhuis aan en het schoot gewoon niet zo op met die ontsluitingscentimeters. Maar toen ik eenmaal daar was, ging het wel sneller. Ik kreeg zo’n lekker pompje en ik had nog nooit drugs gebruikt, dus dacht: wow, dit is fantastisch! Je hebt dan zo’n knopje en dan mag je zelf drukken, dus elke keer als ie groen was, ging ik meteen drukken, want ik vond het echt heel, heel pijnlijk. Maar het ging dus wel super gelijkmatig. En uiteindelijk, weet ik nog dat ik zei: “Ik moet poepen. Ik moet nu poepen.” Dus toen zeiden ze: “Oh ja, dit is goed. Je hebt nu 10 centimeter, dus je mag gaan persen.” Toen heb ik een half uurtje geperst en om 02 uur ‘s nachts werd Robin geboren.

Ze was drie kilo en ik weet nog dat ik achteraf zei: “Dit is het mooiste baby’tje wat ik ooit heb gezien.” Alles was perfect. We hebben natuurlijk meteen gekeken of ze wel gezond was. De Apgar-test was perfect en het was gewoon een heel mooi moment. En 2,5 uur later waren we alweer thuis!

Dus om 04.30 uur. Het was op 30 december, dus het was een hele rare dag. Het was vlak voor de jaarwisseling en heel stil op straat. Dus we kwamen thuis en we zetten die Maxi-Cosi op tafel zo van: oké, nu hebben we een kind. Heel bizar! Vlak daarna kwam de kraamhulp om de boel op te starten en dat vond ik heel fijn, want ik had alle hulp nodig voor mijn gevoel. Ik had gewoon echt even die opstart nodig van ‘Hoe leg ik haar dan in haar bedje’ en zo. Ik leerde heel snel gelukkig! Ik voelde wel heel erg van ‘zo moet ik haar verzorgen’, maar dat gevoel was er op dat moment misschien nog niet heel erg. Dus ik had niet meteen toen Robin geboren was, dat ik een connectie met haar voelde. Maar ik voelde wel: ik moet voor dit kindje zorgen en dat ga ik zo en zo doen.

Borstvoedingsdrama

Ik had me van tevoren voorgenomen om geen borstvoeding te geven, maar ik had eigenlijk zo’n mooie bevalling dat de verloskundige vroeg of ik het wilde proberen. Ze heeft me meteen naar de geboorte aangelegd en dat ging eigenlijk best wel goed, dus toen dacht ik: nou ja, dan gaan we dat ook maar doen. Dus met Oud & Nieuw, de volgende dag, zat ik met gigantische boobies naar de televisie te kijken met een glaasje sinaasappelsap en toen daalde alles wel in: dit is wel ff een méga heftige gebeurtenis in mijn leven.

Als ik nu terugkijk op die kraamweek heb ik er spijt van dat ik toen met borstvoeding ben begonnen. Ik weet natuurlijk dat dat het beste is voor je kindje, maar het is niet het beste voor mij. Dat is wat ik wel eens jammer vind: dat we ons zo blindstaren op ‘alles voor het kind’. Maar ik geloof echt dat een gezonde moeder, en dan bedoel ik mentaal gezond, nog veel belangrijker is.

In mijn kraamweek kwam ik erachter dat Robin niet genoeg melk opnam, dus ze zoog eigenlijk niet genoeg. Hierdoor stagneerde mijn melkproductie en ik vond het zó pijnlijk, elke drie uur die strijd om haar aan te leggen en ze hapte ook niet goed. Dus ik zei de laatste dag dat ik de kraamhulp had: “Sorry, maar is dit normaal?!” Ze stond boven mij en moest echt mijn borst vastpakken en het in het mondje van Robin persen. Toen dacht ik: als het met geweld moet, dan gaan we het niet doen. Toen zei ze: “Ik denk dat het een goed moment is voor jou om te stoppen.” Dat had ik eigenlijk meteen al moeten doen: ik had echt naar mijn intuïtie moeten luisteren en geen borstvoeding moeten geven, want dat heeft voor mij die kraamweek echt verpest … Ik heb zó veel pijn gehad.

Ik ben zo snel van de bevalling hersteld, liep na twee dagen alweer beneden. Niks aan de hand, liep zelfs buiten. Maar door de borstvoeding heb ik er hele nare herinneringen aan overgehouden.

Het eerste jaar moederschap

Het eerste jaar van het moeder zijn vond ik moeilijk, omdat ik, zoals ik net al aangaf, best wel zoekende was in mezelf naar ‘wat maakt mij gelukkig?’ en ‘hoe laat ik dat geluk toe?’. Dat had ik toen niet door, maar nu ik daarop terugkijk, vond ik het gewoon heel moeilijk om dat geluk, dat me eigenlijk letterlijk in mijn schoot geworpen werd, om dat te voelen en te erkennen. Dat voelde ik naar Robin toe, maar ook in mijn relatie bewaarde ik toch een soort van afstand. En zeker toen wij ouders werden, werd die afstand nog meer vergroot. We deden nog meer ons eigen ding. Ik was gewoon bezig met mijn bedrijf, Frank met dat van hem. Robin was een heel makkelijk kindje en zeker toen we die flesvoeding gingen geven, konden we het ook meer samen doen. Dus dat ging eigenlijk helemaal volgens het boekje.

We deden, althans ik deed dat, heel veel dingen op verstand en niet zozeer met gevoel, omdat ik het gevoel had dat mijn leven een beetje was overgenomen. Ik was freelancer en opeens was daar een kind dat het schema van mijn dag bepaalde. Dat klinkt heel naar, maar ik moest gewoon heel erg die puzzel leggen. Vooral in mijn verlof, omdat ik toen natuurlijk voornamelijk met haar alleen was. Het voelde gewoon een beetje alsof mijn leven van me was afgenomen. Het was ook nog eens januari, het was koud, donker, het regende en iedereen was binnen. En ik dacht echt: nou, wat moet ik hier nu eigenlijk mee? Moet ik dit leuk vinden?

Het geluk lachte me toe, maar daar was ik niet mee bezig. 

Het ging uiteindelijk tussen mij en Frank niet goed. We communiceerden gewoon niet over deze gevoelens. Als ik daarop terugkijk, vind ik dat ook heel jammer, want het geluk lachte me echt toe, alleen ik was er gewoon niet mee bezig om dat toe te laten. Of Robin dat ooit gevoeld heeft, is natuurlijk altijd mijn vraag nu. Zo van: jeetje, heb ik haar niet tekortgedaan? Ik gaf haar alles wat ze nodig had, dus ze kwam niks tekort en ze werd gewoon volop geknuffeld. Alleen, ik kon haar niet met mijn hart knuffelen. Dus ik knuffelde wel en ik kuste haar en zei dat ik van haar hield, maar ik voelde het niet diep in mijn hart.

Dat was ook niet het verhaal dat ik van anderen om me heen hoorde, maar of dat nou een postnatale depressie genoemd wordt of wat dan ook – dat heeft bij mij nooit een stempeltje gekregen – dat weet ik niet. Het moederschap haalde bij mij wel heel veel onverwerkt verdriet omhoog. Ook word je daardoor een spiegel voorgehouden hoe je als mens eigenlijk in elkaar steekt. Je wordt heel erg geconfronteerd met dingen die je misschien voor jezelf eerst moet verwerken. Dus ik wil niet zeggen dat het moederschap voor mij te vroeg kwam, het is misschien juist wel mijn redding geweest.

Een relatiepauze …

Na twee jaar maakten wij helaas de beslissing om uit elkaar te gaan. We hadden geen ruzie, maar waren compleet van elkaar verwijderd. Ik heb toen een tijdje apart gewoond, met Robin de helft van de week bij me. En toen pas zijn wij gaan praten. Toen pas heb ik bijvoorbeeld gedeeld wat ik zo moeilijk vond aan het moeder worden. Ik kan daar ook weer heel verdrietig van worden, want ik hoop zó dat Robin daar niks van gevoeld heeft. We hebben heel erg ons best gedaan om haar leventje gewoon zo mooi en prettig mogelijk te laten zijn, maar ondertussen hadden wij heel wat werk te verrichten samen.

We hebben wel vrij snel gezegd: “Oké, wij moeten gewoon samen verder, want er is nog gewoon te veel liefde en te veel geluk wat ons toelacht, alleen moeten we dat samen gaan toelaten.” Dus met heel veel tijd en communicatie, verdriet verwerken en gevoelens delen die misschien daar allemaal loskwamen, kwamen we toch gelukkig weer bij elkaar na een half jaar. We hebben een prachtige nieuwe stap gemaakt en toen samen ook een mooi nieuw huis gekocht.

Ik kan alleen maar zeggen dat de eerste twee jaren gewoon heel pittig waren, maar toen ik het eenmaal probeerde toe te laten – iets dat je eerst doet met je verstand, want je zegt gewoon tegen jezelf: Oké Nies, nu is gewoon het moment. Je bent nu moeder, je hebt die verantwoordelijkheid. Kijk eens om je heen, naar wat je wel hebt in plaats van wat je niet hebt en ga er gewoon voor. Ik vind dat het mooie van kinderen krijgen, want anders had je misschien gewoon gezegd: “Nou, we gooien de handdoek in de ring, fijn leven.” En nu denk je: nee, ga maar eens eerst naar jezelf kijken en maak er gewoon verdomme wat van. Dus dat hebben we gedaan. 

Opnieuw zwanger!

Toen wij dit huis aan het verbouwen waren, woonden we bij mijn schoonouders. Op een zolderkamertje, met Robin. Eigenlijk herhaalde de geschiedenis zich weer. Ik was gestopt met de pil, want ik wilde gewoon weer even helemaal clean worden, gewoon puur, zonder hormonen. Dus weer was ik een paar dagen over tijd, ik was weer niet regelmatig ongesteld, en misschien wel dezelfde vriendin zei: “Zou je niet eens een test gaan doen.” Dus ik met Robin naar de plaatselijke drogist en een test gehaald. Op het toiletje van mijn schoonouders die test gedaan en weer die plus!

Toen moest ik eigenlijk wel heel hard lachen, want het was eigenlijk wel een soort van kers op de taart. We waren inmiddels een half jaar verder, dus het was een half jaar nadat we niet samenwoonden, en we hadden natuurlijk wel besloten dat we er helemaal voor gingen, zwangerschap was nog niet helemaal aan de orde, maar het was eigenlijk gewoon een hele mooie samenloop van omstandigheden.

Een paar maanden later verhuisden we naar dit huis. Ik was deze keer gelukkig veel minder bezig met statistieken, wel een beetje nog, en Sam groeide keihard in mijn buik. Weer een meisje! Ik dacht dat het een jongetje zou worden, ondanks dat ik dezelfde kwaaltjes had: weer last van mijn borsten en voor de rest geen misselijkheid. Maar ik was ervan overtuigd: dit is een jongen. Toen hadden we de 12-wekenecho en dat was allemaal prima gelukkig. NIPT-test was ook goed.

Nou Denise, dit is 98% zéker een meisje!

Met deze NIPT kreeg ik geen uitslag van het geslacht, dus we hadden een extra echo ingepland, ik geloof met 15 weken. Nou, gefeliciteerd, je krijgt weer een meisje. Dus ik zei: “Nee, dit is een jongen.” Maar ze zegt: “Nou Denise, dit is 98% zeker een meisje.”

Dus wij meteen heel leuk het kinderkamertje boven ingericht. Robin was natuurlijk al wat ouder, want in augustus ontdekte ik dat ik zwanger was en in december werd Robin drie. Dus die heeft heel bewust van deze zwangerschap kunnen meegenieten. Ze deed regelmatig zelf een ballon onder haar shirt, omdat ze zich ook moeder voelde. En ik weet nog als Sam bewoog in mijn buik, dan legde ze haar handje daarop. En elke avond mocht ze mijn buik insmeren voordat ze ging slapen. Dat noemde ze ‘macheren’.

Wachten duurt lang…

Ik was in mei uitgerekend, dat was in het voorjaar van 2018, en het was heel, heel warm. Dus ik liep zowat elke dag nog in mijn verlof met die hele dikke buik naar het strand. Ik had een heel leuk strandhuisje met mijn opaatje, dus ik was in mijn verlof heel veel op het strand te vinden. Met 38 weken dacht ik natuurlijk: nou, dat gaat nu gebeuren. Want met Robin was het natuurlijk met 38.4 weken gebeurd. Maar ik liep 39 … 40 … En ik werd echt gek. Ik had ‘La casa de papel’ al vier keer gekeken en ik lag letterlijk boven echt te broeden in die hitte. Ik was er zó klaar mee.

Met 41 weken zou ik gestript worden en ik weet nog dat ik het heel frustrerend vond dat ik eigenlijk niet de macht kreeg over mijn eigen lichaam. Want ik was er gewoon klaar mee en ik had gelezen dat het in Nederland heel gebruikelijk was om best wel lang te wachten, en dat wilde ik gewoon niet. Maar ik kwam er niet doorheen: “Nee, we gaan je pas met 41 weken strippen.” De avond voordat ik gestript zou worden, ging ik naar bed, ik was dus 41.6 weken zwanger, en toen ik ging plassen, viel er een bijzonder grote prop in de wc-pot. Dus ik dacht: hey, dit lijkt wel iets!

De bevalling van Sam

Ik had eigenlijk nog helemaal geen last gehad van iets. Had wel een beetje bijzondere afscheiding al een paar dagen, maar dacht dat dat vrij logisch was, omdat ik elk moment zou gaan bevallen. Maar ja, wanneer weet je natuurlijk niet. Ik heb ook niks gedaan om dat af te dwingen, want ik dacht: nou ja, ik beweeg lekker veel, ik eet gezond, ik drink veel. Maar ik was vooral heel gefrustreerd, wilde gewoon heel graag bevallen. Ik voelde me heel groot, dat was ik helemaal niet, maar ik was er gewoon echt klaar mee. Gelukkig kwam die slijmprop eruit. Ik lag in bed en toen ik weer opstond, kwam, net als in de film, het vruchtwater op de grond. Dus dat was een compleet ander begin dan bij de vorige bevalling.

Toen hebben we midden in de nacht Robin naar mijn schoonmoeder gebracht en daarna ben ik in bed gaan liggen. Ik vond het de eerste keer vrij heftig qua weeën, maar nu leek het nog wel zwaarder en pittiger. Ik dacht: dat is logisch, want het kind is een stuk groter, want dat heeft 2,5 week langer in die buik gezeten. Maar ik vond het echt verschrikkelijk veel pijn doen. En wederom kwam die ontsluiting niet zo goed op gang.

Om 06.30 uur ’s ochtends kwam de verloskundige en toen lag ik echt al vier uur in bad voor mijn gevoel. Ik kan die badolie ook echt niet meer ruiken, die heb ik meteen weggegooid. Het hele bad kon ik trouwens niet meer zien op een gegeven moment. Ik wist niet meer hoe ik moest liggen of staan, lag inmiddels beneden op de bank. Ze zei: “Probeer het nog tot 08.30 uur vol te houden en anders ga je naar het ziekenhuis.” Om 07.30 uur zei ik: “Frank, ik trek het echt niet meer, ik wil nu naar het ziekenhuis.”

Toen ik daar aankwam, zei de verpleegkundige: “Jeetje meid, jij zit er al zwaar in, ik denk dat jij zo gaat bevallen.” En toen gingen ze de ontsluiting meten, en die was weer maar 5cm of zo. Dat was een enorme tegenvaller, want ik was al sinds 23 uur de avond daarvoor bezig. Toen zei de verpleegkundige: “Misschien ligt ze wel niet goed.” Ik ben enorm sportief en had een soort vooringenomen gedachte dat het deze keer ook weer zo’n mooie bevalling zou zijn. Dus ik dacht: nou, ligt niet goed? Wat een onzin. Maar echo gemaakt en inderdaad, ze was een sterrenkijker, zoals dat dan heet. Ze lag dus met haar gezicht omhoog in plaats van naar beneden. Dat verklaarde ook die pijn, want ik kreeg vrij snel persdrang. Dat komt omdat dat achterhoofd dan tegen je endeldarm aandrukt, ik weet de exacte medische feiten niet, maar het was heel, heel pijnlijk. Het was echt niet zoals ik het de vorige keer voelde.

Ik heb echt in allerlei oerwoudposities op dat bed gelegen

Toen hebben ze echt met man en macht geprobeerd om haar nog te draaien, ik heb echt in allerlei oerwoudposities op het bed gelegen en weeënopwekkers gehad. Ik was best wel in paniek, want ik dacht: jeetje, jullie nemen gewoon een soort van controle over iets wat voor mij heel natuurlijk voelt. Ik kreeg ook weer pijnstillers, dat pompje, en ik vroeg eigenlijk al de hele tijd om een ruggenprik, want ik vond de pijn niet te harden. Toen zeiden ze: “Nou Denise, nog even geduld hebben. Het is je tweede, het komt echt wel goed.” Dus ik kreeg maar geen ruggenprik.

Bloeding na bevalling

Uiteindelijk, lang verhaal kort, is ze met een knip – de zuurstof van Sam ging omlaag, dus ze moest eruit – geboren. Dat is op zich natuurlijk niet heel erg, alleen raakten ze bij mij een ader. Dus ik kreeg een enórme bloeding. En ik kan echt zeggen: als ik thuis was geweest, dan was het niet goed met me afgelopen…

Dus ze is eruit gekomen en ik was zó blij dat ze op me lag! Ik dacht echt dat het een bevalling was die nooit ging lukken. Dacht echt: dit kind blijft denk ik gewoon zitten! Ze lag op me en was gigantisch. 4 kilo, dus een kilo zwaarder dan Robin, en ik was zó opgelucht. Ik voelde toen niet mijn eigen problemen op dat moment.

Ze lag op me en ik voelde me toen wél meteen met haar verbonden. Daar was ik zó blij om. Maar helaas was dat wel ook het begin van mijn fysieke ellende. Als je de foto’s ziet waar Sam op me ligt, dan ben ik nog redelijk oké, maar 10 minuten later was ik gewoon echt lijkbleek. Ik heb het gelukkig niet gezien, maar er is enorm veel bloedverlies geweest. Ze hebben nog 2,5 uur moeten hechten, dus dat was geen pretje.

Toen ben ik nog een nacht in het ziekenhuis gebleven en werd me bloed aangeboden, want ik had een HB van vier. Dat moet natuurlijk acht zijn. Dat was dus echt extreem laag. Maar toen dacht ik: ja nou, volgens mij kan ik dit zelf wel. Dus toen heb ik geen bloed gekregen en ben ik naar huis gegaan. Ik heb het een beetje gefaket, dacht van: nou, ik kan wel naar huis. Maar thuis begon de ellende pas en ben ik flauwgevallen…

Sam was een cadeautje

Gelukkig wist ik van de vorige kraamweek dat ik geen borstvoeding ging geven. Dat had ik ook niet gekund, want ik kon op een gegeven moment gewoon niet meer mijn bed uit. Dus ik heb twee weken na de bevalling alleen maar in bed gelegen. Ik was volledig afhankelijk van anderen. Ik nam gelukkig wel heel veel Ferro*, maar ik was fysiek gewoon helemaal aan de grond. Dat had ik nog nooit meegemaakt, ik ben altijd gezond geweest. Achteraf kan ik zeggen: gelukkig was het een fysiek zware bevalling, want als ik op de twee bevallingen terugkijk, dan heb ik liever een fysiek zware bevalling, dan een mentaal zware kraamtijd en de periode daarna. Ik heb nu gelijk wel heel erg van Sam kunnen genieten. Ze was, en is nu nog steeds, een heel blij vechtertje.

Helaas was het voor mij gewoon niet zo’n goede start, maar na zes weken was ik er wel weer. Ik heb gewoon meteen enorm kunnen genieten van haar. Het is ook gewoon heel anders met een tweede, want je hebt er al eentje en je moet ze allebei die mooie aandacht geven. Je moet dat gezin gaan vormen, maar dat was zo veel makkelijker. Ik was al moeder en ik voelde me in heel mijn hart ook moeder, dus dat was voor mij nu echt een cadeautje. Sam was echt een cadeautje.

Het is niet erg om tijd aan jezelf te besteden, ook jij hebt behoeftes.

Wat ik vrouwen zou willen meegeven over het moederschap…

… Is dat het iets is wat je enorm verandert als mens en dat dat helemaal oké is. Dat is denk ik voor mij de belangrijkste les geweest. Dat het niet hoeft te voldoen aan de plaatjes op Instagram of de dingen die je van andere vrouwen hoort. Dat het gewoon iets is wat heel erg ín jou ligt en dat je daarop kunt vertrouwen. Je hoeft niet broodjes te bakken en aan origami te doen, je kan evengoed nog gewoon een hele leuke en fijne moeder zijn. Ook als je voor jezelf vecht en gewoon je eigen leven waarborgt.

Dat zou ik graag mee willen geven, dat het niet erg is om tijd aan jezelf te besteden en om te erkennen dat je als vrouw, en als partner van, ook bepaalde behoeftes hebt. Je bent niet 100% mama, je bent ook nog de vrouw die je was voordat je moeder werd.

Daarnaast geloof ik dat het zo’n mooi natuurlijk proces is, dat dingen niet zomaar gebeuren. Bij mij is het gebeurd zonder dat ik daar heel erg mijn best voor heb gedaan en ik besef dat het voor heel veel vrouwen niet zo mooi mag zijn. Maar ik denk ook dat als je iets heel graag wilt, dit ergens ook een obstakel kan zijn om dan toch zwanger te worden. Dan is het heel makkelijk om te zeggen: “Laat het los, dan gebeurt het vanzelf.” Dat is niet zo. Maar het komt gewoon wanneer het komt. Bij mij is dat eerder gekomen dan ik had verwacht, alleen het heeft mijn leven zo veel verrijkt.

Zes jaar geleden was ik voor het eerst zwanger en als ik nu naar mezelf kijk ten opzichte van de vrouw die ik zes jaar terug was, dan ben ik een compleet ander mens. Ik durf voor mezelf in te staan en mezelf geluk te gunnen. Ik kijk niet naar wat anderen zeggen, of dat nou in mijn directe omgeving is of wat ik op internet zie. Ik vertrouw op mezelf. Ik maak fouten, ik heb grote fouten gemaakt en kleine fouten, en dat is helemaal prima. Ik heb nog steeds twee hele leuke kindjes en ik ben eigenlijk zelf ook gewoon een heel leuk mens! En dat mag je gewoon voelen.

*Ferrofumaraat, een vorm van ijzer die het lichaam makkelijk kan opnemen. Wordt voorgeschreven bij bloedarmoede.

Bekijk hier de website van Denise: quickbranding.nl en om te weten hoe het nu met haar gaat kun je Denise volgen op Instagram: instagram.com/denisesnel

Heb je deze al gelezen…

Podcast: het verhaal van Denise Snel…

Luistertijd: 36 minuten
Denise Snel (37 jaar) is freelance marketing strateeg. Ze is 8,5 jaar samen met haar vriend Frank en heeft twee dochters, Robin en Sam. Denise vertelt zeer openhartig over haar…
Lees meer

Video: het verhaal van Denise Snel…

Kijktijd: 36 minuten
Denise Snel (37 jaar) is freelance marketing strateeg. Ze is 8,5 jaar samen met haar vriend Frank en heeft twee dochters, Robin en Sam. Denise vertelt zeer openhartig over haar…
Lees meer

Artikel: het verhaal van Manon van Dijk…

leestijd: 23 minuten
Manon van Dijk (40 jaar) is freelance tekstschrijver. Ze is 15 jaar samen met haar vriend Marcel en heeft twee kindjes, Sid en Liv. Manon vertelt over haar zwangerschappen en…
Lees meer
Menu